![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
||||||||||||||||||||
![]() ![]()
|
|||||||||||||||||||||||||
|
![]() ![]() ![]() Ouders & schoolmaatschappelijk werk
Kinderen hebben soms problemen. Problemen op school, thuis of in de buurt. Dat kan te maken hebben met het leren of met de sociaal-emotionele ontwikkeling van het kind zelf. Problemen kunnen ook ergens anders vandaan komen. Er kan bijvoorbeeld iets aan de hand zijn in de relatie van de ouders of er zijn problemen met andere kinderen in het gezin of in de buurt.
De schoolmaatschappelijk werker ondersteunt ouders in de opvoeding en helpt hen de problemen op te lossen. Als dat nodig is, praat de maatschappelijk werker met het hele gezin. Als ouders vinden dat hun kind hulp nodig heeft, kunnen ze om hulp van het schoolmaatschappelijk werk vragen. Dat kan via de school of via de GGD. Omdat er meestal geen wachtlijst is, maakt de maatschappelijk werker snel een eerste afspraak met de ouders. Voor dit gesprek komt de maatschappelijk werker gewoonlijk bij het gezin thuis. In dit kennismakingsgesprek (de intake) bespreekt hij de problemen met de ouders. Daarna maakt hij een hulpverleningsplan en bespreekt dat met hen. Als de ouders het daar mee eens zijn, begint de hulpverlening. Soms kan de schoolmaatschappelijk werker niet zelf de juiste hulp bieden. Dan helpt hij de ouders die hulp ergens anders te vinden. In de tussentijd ondersteunt hij de ouders. |
||||||||||||||||||||||||